Het Nieuwe Leren bij Da Vinci College

In Roosendaal ontstaan de contouren van een bijzondere vmbo-school. Het Da Vinci College zal in haar nieuwe gebouw straks niet meer bestaan uit lokalen, maar een afspiegeling vormen van een stad. Joseph Dekkers, directeur van het Da Vinci College, Peter van Aalten, adviseur bij APS en Renate Mijling, projectleider namens Veldhoen + Company, over een bijna idealistisch proces.

Een korte introductie: wat is het Da Vinci College?

DEKKERS: Dat is een school voor vmbo en praktijkonderwijs met 960 leerlingen. De huidige school is in 2000 ontstaan na een fusie van vier scholen. Sindsdien zijn we op zoek naar een nieuwe identiteit. Dit proces, waarbij ik sinds 2004 als directeur ben betrokken, moet zijn weerslag krijgen in het betrekken van één nieuw gezamenlijk gebouw in 2013.

Het DaVinci College schakelde enige jaren geleden de hulp in van APS. Waarom?

DEKKERS: Dit college heeft behoefte aan een duidelijke visie op wat voor school het wil zijn en welk onderwijs daarbij hoort. Voor een deel is dat letterlijk van levensbelang. De school trok enkele jaren geleden nauwelijks nieuwe leerlingen aan. We hebben APS ingeschakeld om een idee te ontwikkelen over hoe we de vier bronscholen met elkaar kunnen verbinden. Daar is een voor Nederland vernieuwende onderwijsvisie uitgekomen.

Aansluiten op wat kinderen kunnen en hen aanspreekt: hoe krijgt dat concreet vorm?

DEKKERS: Op dit moment krijgen alle leerlingen in het eerste jaar hetzelfde theoretisch georiënteerde onderwijs. Dat sluit totaal niet aan bij wat leerlingen voelen en willen, met een slechte motivatie en gedragsproblemen als gevolg. Om dat te voorkomen, gaan wij werken met vakcolleges. Kinderen kunnen daar meteen in het eerste jaar voor kiezen, opbasis van hun affiniteit. De leerlingen gaan vervolgens vanaf het eerste jaar veel praktijk doen, waarbij ze zich ontwikkelen op basis van hun aanleg. Dat is het omgekeerde van wat nu gebeurt.

Waarom is Veldhoen + Company bij het proces betrokken geraakt?

VAN AALTEN: APS heeft geen verstand van huisvesting met daarin ook nog geïntegreerd passende ICT-voorzieningen. Veldhoen + Company heeft dat wel. Gezamenlijk zijn wij beter in staat een product te ontwikkelen waar het onderwijs in Nederland wat aan heeft.
MIJLING: Ons streven is een goede verbinding tot stand te brengen tussen de onderwijsvisie, huisvesting en ICT. De focus ligt op het onderwijs, en daaruit rolt dan uiteindelijk de ruimte die je nodig hebt. Het proces richt zich hier vooralop de verdieping van de onderwijsvisie.

Voor die concretisering hebben jullie het Model van de Stad ontwikkeld. Hoe werkt dat?

MIJLING: Het Model van de Stad is geboren uit de ambitie van het Da Vinci College een leer-, leef- en werkgemeenschap te zijn voor de leerlingen. We hebben dat vertaald in een metafoor die een afspiegeling is van de samenleving. De routing binnen het gebouw is door deze opzet herkenbaar, logisch en helder. De leerling kiest dus, afhankelijk van zijn planning en de activiteiten die hij moet doen de plek waar ’ie die kan doen. (Bij Veldhoen + Company noemen we deze aanpak het Vlekkenplan.)

Wat betekent dit voor de docenten?

VAN AALTEN: Hun werkomgeving wordt totaal anders.Op dit moment zijn ze gebonden aan een en hetzelfde lokaal. Straks komen ze overal in de Stad te werken. We gebruiken de periode tot 2013 om hen daaraan te laten wennen.

DEKKERS: Daarvoor hebben we een mentaal Programma van Eisen opgesteld. Voor welke veranderopgave staan we nu precies en wat betekent dat concreet voor leerlingen en docenten? Hoe dient de leerling zich te gedragen als hij meer de regie moet nemen over zijn activiteiten? Welke nieuwe rollen zijn er voor de docenten als zij niet meer alleen les geven, maar ook de leerlingen in de gaten houden en als het nodig is een zet in de rug geven?

Staan de docenten open voor deze drastische verandering van werken?

DEKKERS: Bij de ontwikkeling van dit nieuwe concept is ongeveer een derde van de docenten intensief betrokken geweest. Dat wil niet zeggen dat iedereen nu enthousiast reageert op de plannen. Het tot stand brengen van ander docenten gedrag zal een proces worden van studie, uitproberen, vallen en opstaan, trainen, aantrekken van nieuwe mensen, vertrek van anderen.

Waarom moet dit model een succes worden?

MIJLING: Omdat meerdere partijen er baat bij hebben. De gemeente omdat deze groep leerlingen een betere aansluiting krijgt op de arbeidsmarkt, het Da Vinci College om er op het gebied van profilering, imago en kwaliteit van onderwijs enorm op vooruit te gaan.

VAN AALTEN: En vergeet de leerling zelf niet. Die komt in een opleidingsomgeving die zijn weerga in Nederland niet kent. Een omgeving die is toegesneden op zijn kwaliteit en interesses. Daar zal enorm veel motivatie van uit gaan.

Tot slot: waarom is de combinatie Da Vinci, APS en Veldhoen + Company zo geslaagd?

DEKKERS: Als school is het moeilijk om afstand te nemen en de goede vragen te stellen. Daarvoor heb je mensen nodig die op een frisse manier van buiten naar binnen kijken, en tegelijkertijd een gevoel van eigenaarschap ontwikkelen.

Meer informatie over het Da Vinci College.

Publicatiegegevens:
Tekst: 2009

Image credits: Ector Hoogstad Architecten & Da Vinci College

Nederland Meer weten? Neem contact op met
+31 6 29 53 31 34 sheila@veldhoencompany.com